Waarom stoppen met accreditatie? (Willeke Dijkhoffz en Frank Vermassen)

Op het virtuele congres ‘kwaliteit blijft en leeft’ van GZA-ZNA legden twee ziekenhuistenoren uit waarom ze recent kapten met de tot nu toe gangbare externe kwaliteitscontroles door respectievelijk JCI en Niaz (nu Qualicor). Waar willen Willeke Dijkhoffz (CEO GZA) en Frank Vermassen (hoofdarts UGent) dan naartoe?
GZA
“Eerst en vooral hebben we met JCI ons ziekenhuis sterk gemaakt en bereikten we schitterende resultaten”, gaf Dijkhoffz aan. “Na de eerste audit kwamen wel signalen naar boven in verband met administratieve overlast en moeilijk eigen te maken normen. En ook de kosten van die controles waren niet min.”
“Te midden van die evaluatie hoorde ik heel toevallig een patiënt tegen een andere patiënt zeggen: ‘Ze hebben vandaag eigenlijk al tien keer mijn identiteit gecontroleerd, maar niemand vroeg me hoe ik me voel. Ik zie die verpleegkundigen zich natuurlijk ook wel rot rennen, ze hebben heel wat hooi op hun vork om daar nog tijd voor te maken.”
Dat deed de CEO van GZA nadenken: er was toch wel nood aan zelfreflectie, een reset. De ultieme indicator van kwaliteit is de beleving van kwaliteit. Er was ook covid nodig om te beseffen dat er te weinig handen aan het ziekenhuisbed zijn. Ook daar begint kwaliteit en patiëntveiligheid.
“Er kwamen enkele basisvragen naar boven, onder meer over de krachtontwikkeling in de aanloop naar een concrete audit. Die korte – weliswaar noodzakelijke – auditcyclus van de eerste drie jaar zorgde voor een eerste ‘mini-covidgolf avant-la-lettre’. Gaf een tweede auditronde voldoende added value? Het leidde tot een maturiteitsoefening. Na rijp beraad hakten we de knoop door.”
Ziekenhuisbrede accreditering moest in evenwicht blijven met andere noden in een ziekenhuis zonder daarmee het kind met het badwater te willen weggooien. “De meerwaarde van ziekenhuisbrede accreditatie wordt niet in vraag gesteld, wel het onderbelichten van de outcome van de zorg, tekortkomingen aan de patiëntenbeleving en die van de medewerkers. Onderbelichting ook van de correlatie tussen bestaffing en veilige zorg en een aanzet tot administratieve overlast met een risico op een ‘aanvinkcultuur’.”
Dat terwijl andere doelen in de verdrukking kwamen zoals invoeren van een EPD, zorgherschikkingen, transmurale geïntegreerde zorg, ziekenhuisnetwerken, GDPR… dus tijd om op de resetknop te drukken.
Borging behouden?
Een toehoorder wou dan wel eens weten hoe GZA de borging ziet zonder stok achter de deur. Dijkhoffz ging bij die omslag niet over één nacht ijs: We behielden een heel belangrijke basisset waarop we nu al systematisch controles uitvoeren. “We legden ook een duidelijk transitieplan neer, afgetoetst met de medische raad en de raad van bestuur. Daarnaast hebben we een sterk governance-model opgericht met participatie van het bestuur, de medische raad en de directie. We investeerden verder in decentrale kwaliteitscoördinatoren omdat we het belangrijk vonden dat die mee aan de rand van het patiëntenbed staan.”
Ze legde ook uit dat een structurele aanpak van de beleving van de patiënt meer duurzaamheid verkrijgt door de recente aanstelling van een patient experience manager. Het nieuwe kwaliteitsmodel is opgebouwd vanuit een procesmodel vanuit drie invalshoeken:
- Sturend (wetgeving, normering)`
- Participatief (eigen expertise binnenbrengen, maar ook verkennend door de input van externe experts)
- Dienst- en kwaliteitsgebonden initiatieven, audits, accreditatie en voortbouwen op ons nalevingstoezicht.
“Daarbovenop komen nog VIP-indicatoren die we met onze eigen indicatoren aanvullen.
Ons kwaliteitskader zal volledig geïmplementeerd worden dit jaar. Dat is een van onze vijf topprioriteiten, in samenwerking met andere ziekenhuizen, Zorgnet-Icuro en de overheid.”
UZGent
Eenzelfde aanleiding om alles in vraag te stellen qua kwalliteitscontroles schetste de hoofdarts van het UZ Gent, Frank Vermassen: “De covidcrisis was een real life geïntegreerde kwaliteitstest. Op 12 maart 2020 besloot Niaz tot het uitstellen van de geplande audit. De ervaring opgedaan in de crisis, leidde ertoe dat we in april overgingen tot een sterkte-zwakteanalyse van het bestaande accrediteringsmodel. Op basis daarvan besloten we in mei om dat model stop te zetten.”
Het nieuwe kwaliteitsbeleid bestaat uit drie pijlers:
1 – De ontwikkeling van een eigen kwaliteits-normenkader dat meer focust op wat medewerkers belangrijk vinden; dat moet leiden tot een meer continue aandacht voor kwaliteit in plaats van de hyperaandacht ter gelegenheid van een audit met de vaak daaropvolgende decompressie.
2 – Veronderstelde kwaliteitsverbetering moet resulteren in betere opvolging van klinische resultaten. Daarom komt er ook een benchmarking met andere (inter)nationale instellingen.
3 – Externe toetsing heeft nog steeds een plaats, maar niet meer om punctueel bepaalde eisen op te leggen. Wel om te wijzen op eventuele blinde vlekken in het programma en een capaciteitsevaluatie van het systeem in functie van het bereiken van een hoger doel.
Quality review board
“We blijven verder ook inzetten op waardevolle interne audits”, verklaarde de hoofdarts. “We richten een quality review board op om een kwaliteitskader uit te werken. Dat is samengesteld uit medewerkers, patiënten en stakeholders, aangevuld met externe experts. We richtten focusgroepen op rond zeven thema’s met zes kwaliteitsdimensies. Eind vorig jaar discussieerden ze over hoe we het best onze ambities konden waarmaken. “
Dat leidde tot de selectie van 485 items, samengebracht in een 30-tal uitdagingen. Het ging ook samen met een brede bevraging bij het personeel, met een ruime participatie. Wat dan weer leidde tot acht actiekaarten, de basis voor een risico-analyse. Op basis daarvan stelt de board concrete acties voor die omstreeks deze tijd starten.
Ook de klinische resultaten moeten kwalitatief worden opgevolgd. Onder meer via indicatoren, en voor meer gespecialiseerde materie “willen we ons internationaal benchmarken. We analyseerden de ziekenhuizen waarmee we de meeste raakvlakken hebben in het European Reference Network van zeldzame ziektes. Met drie ervan ondernamen we al stappen.”
Externe toetsing blijft bestaan en daarvoor worden gesprekken gevoerd met Qualicor.
Het draagvlak bij de artsen voor deze verandering is heel groot, maakt dr. Vermassen zich sterk. “Dat blijkt althans uit de ruime deelname aan deze projecten.”
Dit is een mededeling van de laboratoria MSD.
Dit nummer werd mogelijk gemaakt dankzij de steun van MSD. De inhoud ervan weerspiegelt de opinie van de auteurs en niet noodzakelijk deze van MSD.